Kleurperikelen: beeldschermen
by Margot den Ouden
in Latest
Hits: 216

Vorige keer heb ik verteld over drukwerk in kleur en het opbouwen van kleuren in CMYK. Dat werkt zo’n beetje hetzelfde als kinderen met hun waterverf ontdekken: meng je rood met geel, dan krijg je oranje. Geel met blauw wordt groen. Zo kun je een breed spectrum aan kleuren bereiken. Meng je alles door elkaar, dan zou je theoretisch zwart krijgen, maar in de praktijk wordt het een smerig bruin. Vandaar dat drukkers naast de drie basiskleuren zwart als drukkleur toepassen.

Beeldschermen doen het anders. Ze bestaan uit kleine puntjes, die licht uitstralen in drie verschillende kleuren: rood, groen en blauw. Meng je die kleuren in gelijke verhouding, dan krijg je wit licht. Geel ontstaat, hoe raar het ook klinkt, door menging van rood en groen. Zwart is dan natuurlijk de afwezigheid van licht, oftewel duisternis. Het kleurenspectrum in RGB is veel groter dan dat in CMYK.

Omdat tegenwoordig al het drukwerk op een computer wordt opgemaakt, kun je soms voor nare verrassingen komen te staan bij het omzetten van RGB naar CMYK. Dan ziet jouw frisgroene logo er op je visitekaartje maar verwelkt uit, of blijkt dat het neon-geel alleen in PMS gedrukt kan worden, zodat je drukwerk door die extra kleur duurder wordt.

Je krijgt een vergelijkbaar effect als je je ontwerp print op je eigen printer. Die maakt namelijk ook een afdruk met behulp van vier kleuren inkt of toner, waarbij de RGB-waarden worden vertaald naar CMYK-waarden. Dat kan sterk afwijken van je beeldscherm. O ja, voor ik het vergeet: een printer is niet te vergelijken met een drukpers, qua kleur of kwaliteit. De vertaling naar CMYK is voor ieder apparaat weer anders en er wordt meestal niet op standaard printerpapier gedrukt. Dus dat printje zegt ook niet veel over het gedrukte eindresultaat.

Nog een verschil tussen beeldscherm en drukwerk: het beeldscherm straalt licht uit dat direct in je oog wordt waargenomen; drukwerk neem je waar doordat licht van een lichtbron (zon, bureaulamp) erop weerkaatst en in je oog valt. Bij het drukwerk neemt het licht dus zogezegd een omweg, wat ook invloed heeft op de zuiverheid van de kleur.

Dan zijn er ook nog eens grote verschillen tussen beeldschermen onderling, zodat het ontwerp dat je op je desktop hebt gemaakt, er op je smartphone toch weer anders uitziet. Geen wonder dus dat drukkers zich graag bezighouden met kleuren die ze kunnen standaardiseren en meten, zodat duidelijk is waar ze het over hebben. Dat voorkomt teleurstellingen.

Is de moed drukwerk te laten maken je nu in de schoenen gezakt? Nergens voor nodig. Natuurlijk is het allemaal niet hopeloos, er wordt genoeg drukwerk geproduceerd waar de klant heel tevreden mee is, ook als er geen dure kleurenproef in het spel is geweest. Maar als jouw drukker begint te piepen over kleuren en RGB, dan weet je nu een beetje wat er achter zit.

Kleurperikelen: drukwerk
by Margot den Ouden
in Latest
Hits: 369

Drukwerk heb je in alle soorten en maten, kleuren en geuren. (Jawel, geuren. Steek je neus maar eens in een vers boek en inhaleer diep.) Wat betreft maten ontstaan er meestal niet snel problemen. A4 is tenslotte A4. Simpel.

Met kleuren ligt dat anders. Stel dat je een fullcolour-logo hebt. Dat wordt tijdens het drukken opgebouwd uit vier kleuren: Cyaan (blauw), Magenta (rood, maar eigenlijk meer hardroze), Yellow (dus geel) en Key (de sleutelkleur, vrijwel altijd zwart, vroeger ook wel donkerbruin of -blauw). Bekijk je je gedrukte logo door een loep, dan zul je gekleurde puntjes en vlakken zien, die elkaar overlappen, afhankelijk van de kleur. Van zo dichtbij ziet het er raar uit, maar van normale leesafstand is het jouw logo.

Is je voorraad briefpapier of folders op en laat je nieuwe drukken, dan zou je in het ideale geval geen kleurverschil mogen zien tussen de oude en nieuwe partij. Mits je die oude netjes in het donker bewaard hebt, dan. Anders kan de inkt verbleken en het papier verkleuren. Helaas bestaat het ideale geval niet en zal er altijd iets verschil in kleur zijn, ook binnen een partij drukwerk. Drukkers doen hun uiterste best om dat te voorkomen, door tijdens het drukken te meten. Daar bestaat zeer geavanceerde apparatuur voor.

Heb je een logo in twee kleuren, bijvoorbeeld zwart en rood, dan kan het in offsetdruk met zogenaamde PMS-kleuren gedrukt worden. Je hebt dan maar twee drukkleuren nodig, wat bij grotere oplages prijstechnisch al gauw interessant wordt. Het Pantone Matching System is een systeem met gestandaardiseerde kleuren, waarbij bijvoorbeeld PMS 185 op iedere kleurenwaaier exact dezelfde tint rood is. Handig. Toch kan ook zo’n standaardkleur nog schommelen, omdat de pers de ene keer iets ‘rijker’ afgesteld staat dan de andere, waardoor de kleur iets donkerder wordt. Dus ook dan moet goed gemeten worden.

Sommige PMS-kleuren zijn niet in CMYK te drukken, omdat de opbouw van die vier kleuren nooit het pigment van de PMS-kleur kan benaderen. PMS 021 oranje is zo’n kleur. Hardoranje, dat in CMYK een soort vies oranjebruin wordt. Geen gezicht.

Om het nog een beetje ingewikkelder te maken, heeft de papiersoort waarop gedrukt wordt een duidelijke invloed op het kleurresultaat, zowel bij CMYK als PMS. Glad papier zuigt minder inkt op dan papier met een opener structuur. En als je papier een tintje heeft, bijvoorbeeld lichtgrijs of creme, dan is het logisch dat je logo er ook iets anders uit komt te zien. Wordt je nieuwe folder op een andere papiersoort gedrukt dan de vorige keer, dan ontkom je niet aan kleurverschil ten opzichte van de oude partij. Dolle pret voor de drukker als een huisstijl (visitekaartjes, briefpapier, offertemappen) op verschillende soorten papier en op verschillende persen wordt gedrukt, want dan is het een hele klus om de kleuren hetzelfde te krijgen.

Als je drukwerk laat maken en je hecht grote waarde aan de juiste kleur, dan loont het altijd om in een drukproef op het juiste papier te investeren. Komt het niet zo nauw, dan kun je volstaan met een pdf-proef, die je op je scherm nakijkt.

In het volgende blog ga ik in op de kleurverschillen tussen CMYK en beeldschermen.

 

Tekenles
by Margot den Ouden
in Latest
Hits: 240

 

Afgelopen voorjaar heb ik een paar tekencursussen gegeven aan de plaatselijke volksuniversiteit: Dieren Tekenen en Meditatief Tekenen. Spannend vond ik het. Schoolsituaties in een heus leslokaal kende ik voorheen enkel van de andere kant, namelijk als leerling. Nu was ik degene die kennis deelde en leerlingen hielp zichzelf te ontwikkelen.

Tijdens de eerste les Dieren Tekenen sloeg de twijfel toe. Na een klein half uur, waarin ik van alles had verteld over tekenen in het algemeen en de materialen die we zouden gebruiken, schoot de gedachte door mijn hoofd: Over een paar minuten ben ik uitgepraat en dan val ik door de mand. Dan zien de leerlingen ineens dat ik helemaal geen lerares ben, maar gewoon een amateur die er niets van kan en niets weet. En dan lopen ze weg.

Gelukkig besefte ik direct daarna dat dit een heel normaal verschijnsel is. Een soort examenvrees. Die eerste les was een test: ‘Kan ik dit wel?’ Ik stelde mezelf gerust en vertrouwde erop dat het allemaal goed zou komen. En dat was ook zo. 

Ik heb veel van die cursussen geleerd. Onder andere dat het heel anders kan lopen dan je verwacht. Ik had voor iedere les een onderwerp waar ik iets over vertelde en de leerlingen luisterden beleefd en deden vervolgens hun eigen ding. Sommigen gingen met mijn tips aan de slag, anderen moest ik na de derde les nog een keer uitleggen of nou HB of B2 het zachtste potlood was. Maakt niet uit, dat was mijn taak. Er waren geen punten mee te verdienen, het ging puur om ieders persoonlijke ontwikkeling in het tekenen, zoals ik het het liefste heb. Na verloop van tijd kwamen er meer vragen. Hoe doe ik dit? Hoe werkt dat? Dat vond ik prettig, want dan kon ik mensen gerichter helpen. De vooruitgang werd zichtbaar, bij de ene leerling wat meer dan bij de andere. 

Bij het Meditatief Tekenen legde ik telkens aan het begin van de les iets uit over tekentechnieken en meditatie. Vervolgens was het een uurlang doodstil, hoorde je alleen het ruisen van de verwarming, potlood of pen op het papier en stemmen uit een naburig lokaal. Tegen het einde van de les bespraken we - voorzichtig, om de stilte niet gewelddadig te verbreken - de resultaten en wat we ervaren hadden. We inspireerden elkaar met vormen en kleuren. Heerlijk.

Eigenlijk is al het tekenen meditatief. Je verliest jezelf in je tekening, vergeet de buitenwereld, je volle concentratie is gericht op je potlood, dat weergeeft wat je wilt uitbeelden. Dat is oneindig rustgevend.